14 November 2010           Schepen op antieke tegels

Schepen op Tegels

Schitterende Schepen

Samen met mijn “Tegelvriend uit Amsterdam” wil ik deze keer met U schepen op tegels nader bekijken. Tegels met schepen zijn gewild bij verzamelaars en zelfs ook bij niet verzamelaars. Zeker als er mooie details of kleuren op voorkomen zoals een gekleurde vlag, katrollen of geschutspoorten. Bijgaand laten wij U mooie blauwe en paarse tegels met schepen zien, maar ook enkele gekleurde schepen die tot de zeldzamere tegels met schepen gerekend mogen worden. Nog mooier is het als de kanonnen een salvo afgeven met grote rookwolken op de blauwe of paarse tegels en tableaus. Wat opvalt is dat bij veel blauwe tegels van na ca.1625 en de minder voorkomende latere paarse losse tegels met schepen er geen wolkenpartijen of enkele zeevogels op de achtergrond geschilderd zijn. Iets wat meestal wel bij tableaus het geval is en zeker bij de grote tableaus die met complete schilderijen te vergelijken zijn.


Twee verschillende tegels met de voorstelling van 
gekleurde zeilschepen. Rotterdam? Omstreeks 1600


Tegel van een driemaster met wapperende vlaggen en vanen. 17e eeuw

 



Tableau van 180 tegels met de voorstelling van een ruwe zee vol met 
zeilschepen waaronder op de voorgrond een driemaster. 18e eeuw


Tableau van 9 tegels met de voorstelling van een 
zeilschip. 18e eeuw



  Tableau van 12 tegels met de voorstelling van zeilschip in kleur. 19e eeuw

 

Tegels op Schepen…

Ook op de schepen zelf werden vaak voor het interieur tegels gebruikt, al dan niet met schepen, zeewezens maar ook andere soorten. De tegels hechtten echter niet aan de houten scheepswanden die ook nog eens uitzetten en krompen al naar gelang de wisselende klimatologische bestemming van het schip. Er moest een andere oplossing bedacht worden. Dat zijn de tegels geworden die in het midden een klein rond gaatje hebben wat er meestal al in de fabriek in de klei ingeprikt werd, om ze later op de houten scheepswanden met een schroefje vast te kunnen zetten. Mocht U een dergelijke tegel hebben of zien, dan is dat meestal niet een beschadiging, maar een scheepstegel geweest. Mits het glazuur wel iets over de randen van het gaatje is gesmolten, of daar rondom iets ‘bol’ of ‘hol’ staat, goed kijken dus. Niet geheel uitgesloten is het ook dat de gaatjes later erin geboord zijn omdat een partijtje scheepstegels met een gewenst onderwerp niet direct voor handen was, dan zullen de glazuursporen rond het gaatje ontbreken. Zo heb ik een wandje met geschroefde scheepstegels mogen zien in een bovenkamertje van het restaurant; “De Hoop Op d’ Swarte Walvis” op de Zaanse Schans.

      
Twee tableaux met driemasters. Friesland Bolsward omstreeks 1770.

  Tableau van 54 tegels met de voorstelling van schepen op zee waaronder prominent een driemaster. Friesland 1747.

Ook de tegels met de vele soorten boten en bootjes die de binnenvaart vertegenwoordigen zijn ruim op tegels aanwezig in vaak herkenbare details van het soort schip, of de handeling waarvoor hij gebouwd was. Het water en de schepen zaten in het denken van de Hollandse tegelschilders. Zelfs de ‘eenvoudige’ tegels met een landschap, hebben heel vaak op de achtergrond een zeilscheepje of een ander bootje, tot soms wel drie of vier stuks links en rechts naast een boerderij. Dat zijn dus 8 scheepjes op een tegel met een landschapje als hoofdmotief. We gaan de VOC schepen en haar opvarenden eens nader bekijken en ik wens U op voorhand een behouden vaart, want dat was niet altijd voor iedereen het geval op de schepen zelf.


Afbeelding van een fraai opgetuigd VOC-schip met op de spiegel een ruiter te paard. 
Scheepstype: driemaster

 

Het VOC schip…

Naast de vele andere soorten schepen gaan we hier een kijkje namen aan boord op een driemaster VOC schip. Het spiegelretourschip was het scheepstype dat de VOC het meest gebruikte voor de contacten met Azië. De term spiegelschip werd ontleend aan de achtersteven van het vaartuig. Deze schepen hadden een gemiddelde lengte van 40 meter en waren driemasters. De grote mast in het midden van het schip en de fokkemast voor op het bakdek waren vierkant getuigd. De bezaansmast op het bovenkampanjedek of achterdek bij de spiegel, was langsscheeps getuigd. De boegspriet voor op het schip kon indien noodzakelijk, voorzien worden van twee extra zeilen.

Onderin het schip bevond zich het vrachtruim. Daarboven kon een koebrugdek aangebracht worden. Het koebrugdek, dat niet in ieder schip aanwezig was, kon worden gebruikt om manschappen en/of specerijen te bergen. Op dit dek kon men nauwelijks rechtop staan; de afstand tot de balken en planken erboven bedroeg hooguit anderhalve meter. Het daarboven gelegen overloopdek sloot het vrachtruim van boven af. Hier bevonden zich de kombuis en de bottelarij. Het overloopdek gold als de belangrijkste verblijfplaats voor de bemanning en diende ook als geschutsdek voor de zwaardere kanons. Op de achterzijde van het schip was een verhoogd gedeelte: het bovenkampanjedek. Hieronder kon men de kapiteinshut, de officiershutten en de kajuit vinden. Het bovenkampanjedek liep over via de stuurplecht in het half- of kampanjedek. In de tropen werd dit overspannen met doek om bescherming tegen de zon te geven. Het schip werd bestuurd vanaf de stuurplecht, aanvankelijk met behulp van een kolderstok en later met behulp van een stuurrad. De stuurplecht vormde de achterste begrenzing van het verdek. Aan de voorzijde werd het verdek begrensd door het bakdek. Dit verhoogde gedeelte van het schip werd eveneens als verblijfplaats voor de bemanning gebruikt. Het galjoen, het verstevigde uitgestoken gedeelte aan de boeg van het schip, dat meestal voorzien was van een prachtig ornament, bepaalde het karakteristieke vooraanzicht van een Oost-Indiëvaarder.

De gemiddelde bouwtijd van een spiegelretourschip op de werven van de VOC was 5 tot 8 maanden. De bouwkosten bedroegen ongeveer 90.000 tot 110.000 florijnen in die tijd. (Tegenwoordig kost dat een eenvoudig motorbootje). Hun laadvermogen was over twee eeuwen gemiddeld 800 ton. Een schip ging ongeveer 15 jaar mee. Een reis naar Australië met een zeilschip duurde gemiddeld twaalf maanden heen en twaalf maanden terug. Naast het spiegelretourschip werden door de VOC nog andere, meestal kleinere scheepstypes gebruikt, zoals de hoeker, de galjoot, het jacht, de pinas en het fluitschip. Al deze typen schepen zijn op de tegels afgebeeld.

Plaquette van een scheepswerf te Zaandam met de afbouw van een VOC schip. 
36,5 x 33 cm. Willem Ten Zweege 1880-1890

Driemasters



Tegel met driemaster in een gekleurde zee.
Rotterdam. Rond 1600.



Tegel met driemaster met gekleurde 
vlaggen. Geen hoekvulling. 17e eeuw



Tegel met driemaster. Schip in mangaan 
op een blauwe zee. 17e eeuw



Tegel met driemaster. 17e eeuw

  
Twee tegels met exact dezelfde voorstelling van een driemaster.17e eeuw



Tegel met driemaster met gekleurde 
vlaggen en een groene (kabel)zee. 
17e eeuw. Coll. J. Holtkamp.


Tegel met een driemaster. 17e eeuw


Tegel met driemaster. 17e eeuw



Tegel met driemaster.17e eeuw



Tegel met driemaster.17e eeuw



Tegel met driemaster.17e eeuw




Tegel met driemaster. Hoekvulling 
wingerdblad. 17e eeuw



Tegel met driemaster in mangaan uitgevoerd.
17e eeuw



Tegel met driemaster.17e eeuw



Scheepsmodel van de 17e eeuwse driemaster de VII Provinciën       


Nog een scheepsmodel van 17e eeuwse driemaster.
VOC schip Friesland



Tegel met driemaster. Schip in mangaan 
op een blauwe zee. 17e eeuw



Tegel met driemaster.17e eeuw



Tegel met een driemaster welke een 
afgebroken middenmast heeft.17e eeuw



Tegel met driemaster op de achterzijde 
bekeken. 17e eeuw



Tegel met driemaster uitgevoerd in 
mangaan en met een blauwe ruwe zee.
17e eeuw



Tegel van een landschap met een 
kleine onder anker liggende driemaster.
17e eeuw


Tegel van een driemaster met gekleurde vlaggen.17e eeuw



Tegel met driemaster uitgevoerd in mangaan 
met hoge golven. Eind 17e eeuw



Tegel met driemaster in mangaan 
uitgevoerd met hoge golven. 
Begin 18e eeuw



Tegel van een driemaster wat dreigt te 
vergaan in een storm. 17e eeuw



Tegel met driemaster met schietende 
kanonnen. Eind 17e eeuw


Tegel met driemaster. 17e eeuw

 

Het leven achter de mast…

Het leven aan boord van een VOC schip was namelijk voor de meeste opvarenden geen pretje. Er zat een groot verschil tussen het leven voor de mast en het leven achter de mast. Achter de mast leefden de hoge heren zoals de kapitein, de officieren, de opperstuurmeester, opperkoopman, de predikant, de chirurgijn en de gasten die aan boord waren. Onder de gasten bevonden zich zo nu en dan ook vrouwen. Echtgenotes of zusters van hoge bemanningsleden die in Oost-Indië de huishoudens gingen leiden of huwelijken sluiten met de daar aanwezige Hollandse elite. Het leven achter de mast was in vergelijking met dat van voor de mast ontzettend luxe. Deze passagiers woonden in kleine, doch zeer comfortabele afsluitbare hutten met een tafel en stoelen, een bed, een kast en soms zelfs een bank. Overdag vermaakten de opvarenden achter de mast zichzelf in de grote kajuit gelegen op het ondergelegen verdek. Er was voor hen in overvloed eten beschikbaar: verse groente, vele soorten vlees en kaas en vers gevangen vis, poffertjes en pannenkoeken of rijst met krenten Ook tijdens de middagthee ontbrak er niets: confituren, noten en amandelgebak, alles was beschikbaar. Men vermaakte zich met toneel - of muziekavonden, schreef in hun dagboek of deed een poging om vis te vangen. De reizigers die achter de mast verbleven waren vrij om naast de benodigde levensmiddelen wat eigen lading mee te nemen die zij vaak verkochten in Indië, zoals tabak, glaswerk, boeken, koffie en chocolade. Achter de mast werd het gewone leven zo goed en zo kwaad als het kon voortgezet. Missen, huwelijken en begrafenissen vonden dan ook gewoon plaats op de schepen.  

  
Links: Tableau van 16 tegels omgeven door randtegels met de voorstelling van een schip met gekleurde vlaggen. 19e eeuw.

Rechts: Plaquette met de voorstelling van een VOC schip liggend voor de rede.
Harlingen 1750-1775.

Het leven voor de mast…

Voor de mast was het leven compleet anders. Hier verbleven onder andere de zeelieden en soldaten, zij waren beide afkomstig uit dezelfde eenvoudige sociale milieus. De VOC maakte dankbaar gebruik van  weesjongens uit het armen- en het burgerweeshuis voor de opleiding tot scheepsjongen, dikwijls was zo’n jongen nog maar net twaalf jaar oud. Zij leefden op het overloopdek tussen plunjekisten en hangmatten, kanonnen en handelsgoederen. Door het lage plafond moesten zij zich voorover gebogen door het ruim verplaatsen. Waar de edele lieden nog op matrassen konden slapen moesten deze lui het zich zo comfortabel mogelijk zien te maken op een strozak met een haren deken of in een hangmat. Naarmate de reis langer duurde werden de omstandigheden op het dichtbevolkte dek steeds slechter. De stank van het kielwater onderin het schip vermengde zich met de lichaamsgeuren van de bemanningsleden en de onaangename lucht van uitwerpselen van ratten, de scheepskat en soms ook van mensen. Als de stank ondragelijk werd of er veel zieken waren, dan ging men over tot het sprenkelen van azijn of het branden van buskruid met jeneverbessen om de lucht te zuiveren. Via de gaten tussen de balken onder in het ruim kon het kielwater weg worden gepompt. Via deze weg wist echter ook veel ongedierte zich naar binnen te werken. Duizendpoten, schorpioenen, ratten, muizen, vlooien, luizen en schadelijke mieren wisten allemaal naar binnen te komen. Men moest constant oplettend zijn om niet gestoken of gebeten te worden wat hevige pijnen opleverde. De maaltijden waren wel genoeg voor de mast, maar waren te zout en te vet en hadden te weinig vitaminen. Naar mate de reis vorderde, had de chirurgijn zijn handen vol aan de zieke bemanningsleden en soldaten die voor de mast leefden, in schril contrast met hen die achter de mast verbleven.  


Tableau bestaande uit 9 tegels. Met de voorstelling van een 
driemaster met wapperende vlaggen. 18e eeuw

 

Zeilschepen (overige typen)


            
      
Vijf stuks zeilbootjes in kleur. Rotterdam. De verschillen zijn soms minimaal maar het betreft hier verschillende tegels. Omstreeks 1600.


Tegel met zeilschip. 17e eeuw



Randtegel met een zeilschip.17e eeuw



Tegel met zeilschip. 17e eeuw



Tegel met zeilschip. 17e eeuw



Tegel met een zeilschip.17e eeuw. 
Geschilderd uit dezelfde spons als 
de tegel links.



Tegel met een zeilschip op een wandbord 
van 23 cm doorsnede. Friesland Bolsward 1794.



Zeldzame tegel van een galjoen in 
mangaan uitgevoerd. 17e eeuw



Zeldzame tegel van een zeilschip in 
mangaan uitgevoerd.  Omstreeks 1800


Tegel met een zeilschip. 18e eeuw



Tegel met een zeilscheepje. 17e eeuw. 
Bijzonder is de gekleurde vlinder. 
Een grapje van de schilder?



Tegel van een zeilschip in kleur. 
Spanje Sevilla. 18e eeuw


Tegel met een zeilschip. Spanje. 18e eeuw



Tegel met een zeilschip. 17e eeuw



Tegel met een zeilschip. Eind 19e eeuw

 


Tegel met een raderstoomboot. 
Midden 19e eeuw



Zeldzame tegel van een zeilschip 
in kleur. Hoekvulling spinnenkop. 
Ca. 1900



Zeldzame tegel van een zeilschip in 
sepiakleur geschilderd. Ca. 1900

 


Zeldzame tegel van een zeilschip 
in kleur. Hoekvulling spinnenkop. 
Ca. 1900



Tegel van zeilschip in een bijzondere 
kleur uitgevoerd. Eind 19e eeuw



Zeldzame tegel van een zeilschip in 
sepia uitgevoerd.  Eind 19e eeuw



Tegel van zeilschip in een bijzondere 
kleur uitgevoerd. Eind 19e eeuw

 



Tegel van een zeilschip met gekleurde vlaggen.
18e eeuw


Tegel van een zeilschip met gekleurde vlaggen. Ca. 1900


Tegel van een zeilschip met gekleurde vlaggen. 
Begin 20e eeuw



Zeilschepen met gekleurde vlaggen.
17e eeuw

Gekleurde vlaggen
Ik raad U aan om tegels met schepen waarvan de vlaggen gekleurd zijn goed te bekijken. U moet beslist nauwgezet  bestuderen hoe de gekleurde vlaggen op de losse tegels uitgevoerd zijn. Er worden soms vervalsingen aangebracht op de vlaggen. Door het aanbrengen van kleine gekleurde vlakjes in het juiste materiaal op vlaggen leveren de tegels dik honderd euro meer op.
Ook tegels met schepen, vooral die met een paars schip op een blauwe zee, worden nogal eens - en qua uitvoering soms vrij aardig- vervalst en slinks als echt aangeboden. 

Laat u dus niet in de boot nemen want voor je het weet zit je in het schip, raakt U misschien wel aan lager wal en dan is de boot aan en moet U die maand verder roeien met de riemen die U nog over hebt, maar dat terzijde. 

Tegen die vervalsers zou ik willen zeggen: ik hoop dat U ook met vals geld betaald zal worden voor die beoogde winst op korte termijn. Maar weet wel wat U doet, want op langere termijn geldt zeer beslist: “Wat je uitzendt trek je ook aan…” Ook zal het altijd ten koste gaan van Uw naam.


Zeilschepen met gekleurde vlaggen en zeilen.
17e eeuw

 



Scheepsmodel van een 15e/16e 
eeuwse karveel


Karveel

Tegel met een karveel. Portugal. Eind 16e eeuw

Het belangrijkste kenmerk van een karveel was de plaats van de mast. Die stond min of meer op de voorsteven, op de plaats waar het schip zijn grootste breedte had. Daardoor was het schip niet alleen sneller, maar ook zeewaardiger en had tevens meer ruimte voor vracht.

Later werden karvelen niet alleen groter gebouwd, maar ze kregen ook drie masten. Twee van de drie schepen waarmee Columbus naar de nieuwe wereld voer (1492), de Niña en de Pinta waren karvelen.



Cirkeltegel met een zeilschip. Het betreft hier vermoedelijk 
de voorstelling van een karveel met drie masten. 
Eind 16e/begin 17e eeuw.


Majolica wandbord met de voorstelling van een karveel 
met drie masten. Vroeg 17e eeuw. Coll. A. Vrij.

 

Haringbuis
                  

Een 4-tal tegels  met schepen waarop afgebeeld de haringvangst. De drie linkertegels dateren uit de 17e eeuw. 
De rechtertegel dateert uit de 18e eeuw.

Een  haringbuis vist met een vleet. De vleet is een staand vistuig met een aantal aan elkaar vastzittende afzonderlijke grote netten van wel 15 meter hoog en 30 meter breed. De vleet kan wel 4 kilometer lang zijn.  De netten zitten aan een lijn de zgn reep die drijvende wordt gehouden door tonnen. Op de tegels wordt een net aan boord gehaald door een poort (nettenpoort) in de zijkant van het schip. 

Roemer Visscher schrijft in zijn bundel Sinnepoppen ( Amsterdam 1614) "De kost moet voor de baet uyt", waarmee hij bedoelt dat je eerst moet investeren voor je winst maakt en dat die winst bij de haringvissers vaak sober is, maar men blijft op God vertrouwen.  Een tegel met zo'n voorstelling ging er bij de calvinistische Hollanders wel in
.


Prent van Roemer Visscher uit 1614

 

Roeiboten



Tegel met man in roeiboot. 18e eeuw



Tegel van een vissende man in roeiboot. 
19e eeuw



Tegel met roeiboot en roeiende mannen (zeesloep). 17e eeuw



Tegel met twee personen in een roeiboot met rookwolken. 
17e eeuw. Wat de voorstelling betreft zou hier uitgebeeld 
kunnen zijn: Maria Magdalena (de vrouw van Jezus) vlucht 
met haar kind Sarah van Jezus Christus samen met Andreas 
over de Middellandse zee naar Zuid Frankrijk. Dit is ook 
beschreven in de Da Vinci Code. 


Tegel van een roeiboot met drie personen. 17e eeuw

 


             
Drie tegels met zeilschepen. Porseleyne Fles Delft. 20e eeuw.


        
Drie tegels met de voorstelling van Vikingschepen. Porseleyne Fles Delft. 20e eeuw.

startpagina

vertellingen antieke tegels fotoboek antieke tegels vertellingen kleipijpen fotoboek kleipijpen auteur