16 juli 2011   Muizen en parelmoervlinders voor de camera

Huismuis

Dit stukje kaas was voor een huismuis fataal.

Deze huismuis (Mus musculus) kon het niet laten om van een stukje kaas te proeven. Het was tegelijkertijd ook zijn laatste stukje kaas want door de neerklappende klem trad al snel rigor mortis in. De foto is gemaakt in een oude korenmolen waar nog steeds meel wordt gemalen (en het stikte er van de huismuizen).Toen ik de molen binnen kwam rook ik het al aan de doordringende muizenpislucht.

Regelmatig zie ik op mijn zwerftochten door het Groene Hart muizen. Meestal in een flits want vrijwel altijd schieten ze zo snel weg dat het bijna altijd onmogelijk is om er een foto van te maken. Maar gelukkig zijn dode exemplaren wat beter te benaderen als ze tenminste nog niet door predators zijn opgevreten.

Een week geleden was ik op een zonnige warme dag op de Veluwe om vogels bij een kunstmatig vijvertje te fotograferen vanuit een klein hutje wat aan de rand van de vijver staat. Naast kuifmezen, glanskoppen, goudvinken, pimpelmezen, boomklevers  en een zanglijster bezochten verschillende rosse woelmuizen de vijver om te drinken.


Hutje met drinkvijvertje ergens midden in een bosvak op de Veluwe

Kuifmees verkent eerst en vertoont plannen om te gaan drinken.

 

Jonge en oude rosse woelmuizen

Op een oude boomstronk zat een klein jong rosse woelmuisje (Myodes glareolus)

Een tijdje verscholen zittend onder een stuk hout maar uiteindelijk liet de rosse woelmuis zich toch zien.

Op weg naar de drinkplaats.

Daarom heet deze muis rosse woelmuis.
  


Lekker aan een blaadje knabbelend.

 

Parelmoervlinders 
Momenteel komt op de Veluwe een mooie populatie grote parelmoervlinders voor bestaande uit enkele 
honderden exemplaren. De dagvlinders  zoeken hun voedsel vooral op de bloemen van akkerdistels. 
Ook een groepje bosparelmoervlinders vertoonde  een duidelijke voorkeur voor bloeiende akkerdistel.

Grote parelmoervlinder op akkerdistel zittend van boven bezien.

Grote parelmoervlinderop akkerdistel. De onderkant bekeken.

Bosparelmoervlinder zittend op akkerdistel.

 

Veldspitsmuis

Dode volwassen veldspitsmuis(Crocidura leucodon.)

Typerend voor spitsmuizen is de spits toelopende kop met een ver vooruitstekende snuit, bijna een soort slurfje. Het gebit van spitsmuizen is heel anders dan dat van de echte muizen; in plaats van knaagtanden hebben ze sterk gepunte, sikkelvormige snijtanden en scherpe kiezen, geschikt om het pantser van insecten te vermalen. Het zijn vlugge, beweeglijke diertjes die (met tussenpozen) zowel overdag als 's nachts actief zijn. Door hun hoge stofwisseling (metabolisme) en in verhouding grote lichaamsoppervlakte verbranden zij opgenomen voedsel zeer snel en moeten ze vrijwel voortdurend eten om in leven te blijven. Ze voeden zich hoofdzakelijk met kleine, ongewervelde dieren zoals insecten en insectenlarven, wormen, slakken, spinnen en soms ook met kleine gewervelde dieren b.v. jonge muizen. Door de grote hoeveelheden insecten en andere schadelijke dieren die ze dagelijks verorberen zijn spitsmuizen voor de mens zr nuttige dieren. 

Misschien is het U bekend: onze huiskat eet spitsmuizen (en spreeuwen) na het vangen niet op en dat komt omdat het insecteneters zijn. Dit in tegenstelling tot veldmuizen (en huismussen) wat planteneters zijn en wel vol smaak door de kat worden opgepeuzeld.

 

Veldmuis

Fietsend over een fietspad zag ik plotsklaps aan de buitenrand van het asfalt een muis lopen. Het bleek om een klein
 jong veldmuisje (Microtus arvalis) te gaan. Het veldmuisje was een beetje de weg kwijt en liep bijna over mijn schoenen heen.

 

Woelrat

Een blauwe reiger heeft een flinke woelrat gevangen.

Woelratten (Arvicola amphibius, ook wel waterratten genoemd,  zijn zowel overdag als 's nachts actief, maar het zijn overwegend dagdieren. Ze eten voornamelijk plantaardig voedsel zoals stengels en grassen,maar ook zeggen en wortels van planten, Verder eten ze ook insecten en soms vis. Ook landbouwgewassen zijn favoriet hetgeen de reden is dat deze soort zo door de mens wordt gehaat. Als een woelrat eet, zit hij op zijn achterzijde, waarbij hij met de voorpoten het voedsel naar de bek brengt. De woelrat graaft gangen in de oevers. De uitgang kan zowel boven als onder de waterspiegel liggen. Het nest, een bal van gras en riet met een diameter van maximaal 25 centimeter, ligt meestal in het hol. Bij een hoge waterstand worden de nesten in hoge pollen moerasvegetatie gebouwd.

homepage

nieuwste vertellingen fotoboek landschappen zoeken foto's zoeken op trefwoorden auteur
natuur & landschap Reeuwijkse Plassen weidevogels cultuurhistorie jeugdverhalen