Maart 2013       Aanleg natuurvriendelijke oevers in het Reeuwijkse Plassengebied

Plan en start uitvoering
Begin 2011 heeft het Hoogheemraadschap Rijnland (HHR) eigenaren van oevers aan de Reeuwijkse Plassen benaderd met het aanbod om op hun percelen natuurvriendelijke oevers aan te leggen en te onderhouden. Dit aanbod is onderdeel van het programma "Schoon en Mooi", dat in het leven is geroepen om de chemische en ecologische waterkwaliteit in de plassen te verbeteren. Rijnland wil voor 2015 acht kilometer reeds bestaande natuurvriendelijke oevers verbeteren en gaan onderhouden en twaalf kilometer nieuwe natuurvriendelijke oevers aanleggen in het Reeuwijkse Plassengebied.

Het Hoogheemraadschap van Rijnland, samenwerkend met de gemeente Reeuwijk-Bodegraven en het Natuur- en Recreatieschap Reeuwijkse Plassen, zijn inmiddels  gestart met de aanleg en het herstel van natuurvriendelijke oevers. Vroeger beschermden de toen nog algemeen voorkomende rietkragen de oevers in het Plassengebied, maar een groot deel van die rietkragen is de laatste 25 jaar vrijwel verdwenen. De aanpak is als volgt. Het Hoogheemraadschap slaat nu rijen palen op een tot drie meter vanaf de oevers die beschermd gaan worden. In de ruimte tussen de palen en de oevers wordt tegen de nog bestaande oever zand (plas s'-Gravek en kle´ige grond gestort en daarna nieuwe beplanting aangebracht. Een grote en dure klus. De kosten voor de eerste 2,8 kilometer bedragen circa 5 ton. De provincie en Europa hebben subsidies verleend. Vˇˇr 2015 moet 20 kilometer oever natuurvriendelijke oever vernieuwd dan wel aangelegd zijn. Met de eerste 2,8 kilometer is nu een begin gemaakt. De aanleg en de aanplant  van de natuurvriendelijke oeversmet moerasplanten zoals o.a. dotterbloemen, zegge en gele lis is onderdeel van het plan ĹSchoon en Mooiĺ: een plan voor schoner water in de Reeuwijkse Plassen en meer natuur.


Natuurvriendelijke oever bij plas Elfhoeven. Het werk is inmiddels klaar. De aanplant van moerasplanten 
bestaande uit de soorten zeggen, gele lis en dotterbloemen begint zich al goed te ontwikkelen.
Foto: 25 april 2013.

Het Reeuwijkse Plassengebied is te uitgestrekt om alle plassen de komende jaren tegelijkertijd op te knappen. Dit is organisatorisch en financieel niet haalbaar. Gekozen is voor een gefaseerde aanpak zodat lering kan worden getrokken vanuit de ervaringen die worden opgedaan. Zo nodig kan de aanpak voor de rest van het gebied worden bijgesteld. Op dit moment is vier kilometer van de oevers langs de Reeuwijkse Plassen al natuurvriendelijk. Voor een deel van deze oevers worden maatregelen getroffen om ze te behouden. Daarnaast worden tot 2015 in het hele plassengebied zestien kilometer nieuwe natuurvriendelijke oevers aangelegd. 

 

Plas s'-Gravekoop

Aanleg natuurvriendelijke oevers op plas s'-Gravekoop langs de Nieuwenbroekse Dijk. Foto: 26 februari 2013.


Nieuw aangelegde natuurvriendelijke oever in plas s-Gravekoop langs de Nieuwenbroekse Dijk. Foto: 26 februari 2013.


Na het plaatsen van de palenrijen wordt een laagje zand gestort om de sliblaag af te dekken. Al het materiaal zoals pontons, 
machine's, palen, zand en kle´ige grond wordt via de smalle Reeuwijkse landweggetjes aangevoerd. Een gigantische klus. 
Foto: 26 februari 2013.


Na eerst een laag zand gestort te hebben wordt kle´ige grond tegen de oever aangebracht. De strook
tussen palen en oevers van de eilandjes (in breedte variŰerend tussen ca. 1 en 3 meter) wordt echter niet volledig 
volgestort, maar blijft bestaan als plasberm. Foto: 26 maart 2013.

Aanleg natuurvriendelijke oevers in plas s-Gravekoop langs de Lecksdijk. Foto: 26 februari 2013.


Een soort die door de aanleg van natuurvriendelijke oevers zal profiteren is de ringslang.
Positief daarbij is dat ringslangen al aanwezig zijn in dit deel van het plassengebied.

 

Verwachtingspatroon over de toekomstige  resultaten uitvoering aanleg natuurvriendelijke oevers in de plassen s'-Gravekoop, Klein Vogelenzang en Elfhoeven.
Groenehartvertellingen houdt alle ontwikkelingen op het gebied van natuur en landschap in en rond het Reeuwijkse Plassengebied (en andere gebieden in het Groene Hart) nauwlettend in de gaten. Dus ook het grootschalige project wat in het Reeuwijkse Plassengebied met de aanleg en het onderhoud van natuurvriendelijke oevers van start is gegaan. Met een enthousiaste opstelling toen ik me wat meer in de praktische uitvoering ging verdiepen. De opgestelde plannen en de uitvoering ervan hebben absoluut goede kansen. Vooral is er bij mij veel enthousiasme als ik zie dat we over een aantal jaren na het klaarkomen van de aanleg een flinke oppervlakte meer natuur in Reeuwijk zullen hebben. Het areaal aan riet en moerasvegetaties in het Reeuwijkse Plassengebied zal flink toenemen of vanuit het verleden redenerend weer hersteld gaan worden. En er is nog meer winst omdat ook een aantal nieuwe legakkers zullen worden aangelegd dan wel worden hersteld. Men heeft hoge verwachtingen. Er ligt een zeer optimistische visie over hoe de natuurwaarden er in 2020 in het Reeuwijkse Plassengebied zullen gaan uitzien. 

In 2020 hebben de Reeuwijkse Plassen een ecologische kwaliteit die doet denken aan de situatie rond de eerste helft van de vorige eeuw. Er is een waterkwaliteit gerealiseerd waarin met waterplanten begroeide plasbodems (o.a. kranswieren), drijvende- (o.a. witte lelies, gele plompen, krabbenscheer) en staande ( o.a .kleine lisdodde, grote egelskop) waterplanten, verlandingszones en oevers met riet- en lisdodde begroeiing weer kenmerkend aanwezig zijn. Libellen, waterjuffers en insecten zijn weer in overvloed beschikbaar. Overbebossing is verdwenen en er zijn broed- en voedselgebieden, schuil- en paaiplaatsen ontstaan waardoor de grote en kleine karekiet, het wouwaapje, de roerdomp en de zwarte stern weer kansen krijgen en de visstand weer een evenwichtige samenstelling heeft. Het achter- en aanliggende broekbos en solitaire bomen bieden broedgelegenheid voor visetende vogels, roofvogels, vleermuizen en uilen. De ontwikkeling van wat ruige oevers zal plaats bieden aan een rijk insectenleven en soorten als de waterspitsmuis en ringslang, terwijl het ontstaan van ge´soleerde paddenpoelen, noodzakelijk als voortplantingswater voor amfibieŰn en insecten, zeker niet valt uit te sluiten.

Groenehartvertellingen kan zich in belangrijke mate vinden in de tekst van deze visie  maar wil wel benadrukken dat de belangrijkste voorwaarden n.l. het verbeteren van de waterkwaliteit dan ook moet zijn gerealiseerd. Die vormt de bottleneck voor een eventueel succes en het herstel van verloren gegane natuurwaarden. De genoemde waterkwaliteit is ook een vereiste om de gewenste visstand die men nu in de visie beoogt terug te krijgen. Wel met de opmerking dat helder schoon water betekent dat de snoekbaars (nu een belangrijke commerciŰle vissoort) zal verdwijnen (is in een deel van de de Vinkeveense Plassen n.l. ook het geval na waterkwaliteitsverbetering). Over recreatie staat in de visie nog het volgende.

De visie staat een beheerst recreatiegebruik niet in de weg. Roeien en zeilen en in mindere mate motorbootvaren zullen op de meest oostelijke plassen extensief mogelijk blijven terwijl in een meer intensief gebruik van de westelijke plassen Elfhoeven en ĺs-Gravenbroek door de watersport wordt voorzien. Er moet op termijn gezocht worden naar een juiste balans tussen natuur en recreatie. Voorlichting en handhaving van beleid zijn belangrijk om de waarden van het Plassengebied in stand te houden en te verhogen. Visserij en jacht blijven binnen de wettelijke kaders mogelijk.

Mijn ervaring is dat het ieder jaar drukker wordt met recreatie in Reeuwijk, ook in de oostelijke delen van het Plassengebied. Op mooie dagen in het voorjaar en de zomerperiode doet het plassengebied een beetje denken aan de Kalverstraat in Amsterdam. Een belangrijke doelsoort als woudaapje, al sinds de 60er jaren van de vorige eeuw verdwenen, is gebaat met rust en een hele goede waterkwaliteit. Ook de zwarte stern, als broedvogel uit het plassengebied verdwenen sinds de 2e wereldoorlog is eveneens gebaat bij een goede waterkwaliteit en voldoende rust. Juist die rustfactor vormt steeds meer een probleem door het alsmaar drukker worden in en rond het Reeuwijkse Plassengebied. Toch leert de ervaring vanuit andere gebieden dat als de terreincondities uitstekend zijn er kansen zijn. Mogelijkerwijs kunnen we die soorten (ook de roerdomp, nu slechts incidenteel voorkomend in Reeuwijk) toch weer op termijn terugzien als broedvogel in het Reeuwijkse Plassengebied. De wonderen zijn de wereld nog niet uit, zo kijk ik er tegenaan.


Zwarte sterns. Nu nog alleen als doortrekkers in het Reeuwijkse Plassengebied in het voorjaar.. 
Zittend op een inmiddels onder water gedrukte palenrij in plas Broekvelden. In 2020 weer terug als broedvogel?

   
Woudaapjes in Reeuwijk. Nog broedend in 1963/64.
Nu alleen als uiterst zeldzame bezoeker van het Reeuwijkse Plassengebied. In 2020 weer als broedvogel?

 

Plas Klein Vogelenzang

Palen (mannetje aan mannetje) drukken langs de oever van een eilandje langs het smalle deel van de Zoetendijk.
Foto: 7 maart 2013.

     

Tussen de palenrijen blijven stukjes open zodat visachtigen langs de oevers kunnen paaien, vogels nestelen en naar voedsel zoeken.
De eerste vogels die ik net na aanleg al achter de palenrijen opmerkte was een paartje kuifeenden. Foto's : 8 maart 2013.


Ook een visdief kwam even kijken naar het (tijdelijke) netwerk dat is aangebracht ter bescherming van
de aangeplante moerasplanten. Foto: 18 april 2013.

 

Plas Elfhoeven

Nieuw aangelegde natuurvriendelijke oever in plas Elfhoeven aan de oostkant langs het wandelpad. Foto: 17 januari 2013.

Dezelfde foto als boven maar nu gemaakt op 8 maart 2013.


Palenrij aan de oostkant van plas Elfhoeven. De rietkraag achter de palenrij is broedplaats van zo'n beetje de laatste grote
karekieten in het Reeuwijkse Plassengebied. Door de uitbreiding van de oppervlakte begroeid met riet vanwege de aanleg van 
natuurvriendelijke oevers komen op termijn wellicht weer wat meer paartjes grote karekieten tot broeden dan thans het geval is. 
Foto: 8 maart 2013.

Zingende grote karekiet in een rietkraag langs plas Elfhoeven.


Natuurvriendelijke oever langs de westelijke oever van plas Elfhoeven. In winterse omstandigheden. 
Het langgerekte netwerk is naar ik aanneem tijdelijk aangelegd om jonge (riet)aanplant dan wel inzaai van 
riet te beschermen tegen vogelvraat. Foto: 26 januari 2013.

Foto: 17 februari 2013. De winter is voorbij. De natuurvriendelijke oever met het netwerk is nu beter zichtbaar.
Onder het netwerk zijn matjes aangebracht met kiemplanten (moerasplanten).


De moerasplanten die zijn aangebracht beginnen al lekker te groeien. Een dotterpol al in de bloei. Verder 
zag ik dat de aanplant naast dotterbloemen vooral bestaat uit zeggen en gele lis. Waar ik me wel over verbaasde is 
dat ik op een paar plekken waar ik keek geen rietaanplant tegen kwam in het gebruikte assortiment. 
Als de vegetatie goed is aangeslagen zal het netwerk worden verwijderd. Foto: 17 april 2013.

  
Een paar jaar geleden is in Reeuwijk langs de Breevaart een natuurvriendelijke oevers aangelegd. Met aanplant van riet en
andere moerasplanten zoals dotters. Heeft zich zeer goed ontwikkeld. Foto: 25 april 2013.
 

homepage

nieuwste vertellingen fotoboek landschappen zoeken foto's zoeken op trefwoorden auteur
natuur & landschap Reeuwijkse Plassen weidevogels cultuurhistorie jeugdverhalen