homepage
1 oktober 2016            Fotonieuws uit het Groene Hart rond Reeuwijk (51)

Snel oprukkende exoot: waterteunisbloem (Ludwigia grandiflora (Michaux) Greuter & Burdet.)

Eerst meende ik van afstand te maken te hebben met de vondst van de in bloei staande waterplant watergentiaan, maar ik miste de ronde bladeren die zo kenmerkend zijn voor die soort. Groeide in een dijksloot langs de Steinse dijk tegen de stadswijk Goverwelle nabij de Willenskade tezamen met o.a. gewoon blaasjeskruid en kikkerbeet. Had deze exootsoort tot op heden nog niet eerder gezien in het gebied van het Reeuwijkse-Goudse Groene Hart. De waterteunisbloem is inheems in grote delen van Zuid-Amerika evenals  de Amerikaanse staat Florida. Het is in Nederland een ongewenste exoot die voor problemen kan zorgen. Daarom wordt aangeraden de waterplant volledig te verwijderen wanneer deze aangetroffen wordt. Waarschijnlijk zijn de planten afkomstig van in de natuur weggegooide vijverplanten. De waterplant werd tot voor enige jaren verkocht in tuincentra, maar vanwege de grote problemen die de plantensoort veroorzaakt door dichtgroeiende waterwegen en afwateringssloten is de verkoop tegenwoordig verboden.

In overleg met boer Hoogeveen, deels eigenaar van de sloten waar de planten groeien, is besloten om contact op te nemen met het Waterschap de Gouwelanden. Men kwam na de melding al snel langs om de boel in ogenschouw te nemen samen met een aannemer die de plantenmassa inmiddels heeft verwijderd.

 
Close up van waterteunisbloem.

 
Overzicht van de groeiplaats van waterteunisbloem. Opvallend is dat deze waterplant zich zo snel 
en explosief uitbreidt. Twee weken geleden zag ik nog maar enkele exemplaren in de sloot en nu al zijn delen 
van die sloot bijna volledig begroeid. 

Waterteunisbloem wortelt in de oeverzone. De plant vormt matten die op het wateroppervlak drijven en die tot 80 cm boven het oppervlak kunnen uitsteken. Heeft grote gele bloemen in de bladoksels van de bovenste bladeren van de recht opgaande stengels die boven het water uitsteken. De plant is overblijvend. Het verwijderen van de planten moet wel uiterst zorgvuldig gebeuren, want elk stukje afgebroken stengeltje gaat weer opnieuw groeien. 


Inmiddels is alle waterteunisbloem verwijderd. Met de maaiboot en met de hand om er maar
voor te zorgen dat alle planten en plantdelen worden verwijderd.

 

Spreeuwen op trek op zoek naar kruisspinnen.

Momenteel is er een explosie van spinnen waaronder veel kruisspinnen, wat normaal is in de vroege herfstperiode. Overal zie je de webben hangen.  Vooral in de vroege ochtend als de dauw nog niet is verdwenen, vallen de webben op. In ieder vers gesponnen web zit een spin te loeren naar een potentiŽle prooi. Momenteel is de trek van spreeuwen volop aan de gang. Op hun trektocht moeten ze natuurlijk ook regelmatig wat eten. O.a. druiven zijn favoriet en ik zie dan ook regelmatig groepen spreeuwen de rijpe druiven plunderen in tuinen in de wijk waar ik woon. Maar ook spinnen vinden ze blijkbaar lekker. In een haag waar veel kruisspinnen in verblijven viel een groepje spreeuwen in die de haag grondig afzochten op (vooral) kruisspinnen. Over nuttig gesproken. Het opvreten van die spinnen voorkomt daarmee ook dat ik in het gangpad achter mijn tuin met mijn gezicht  regelmatig in een web loop. Daarmee is het plunderen van de rijpe druiven hun vergeven.


 
Groepje spreeuwen zoekt een haag af naar spinnen. Vanuit mijn huiskamer gefotografeerd.


Detail van een stukje haag met de vele spinnenwebben die allemaal een eigenaar hebben.

 

Grote zilverreigers op de Reeuwijkse Plassen.

Steeds meer grote zilverreigers zijn te zien in het najaar en winterperiode in het Groene Hart. Het gaat voor een deel om eigen broedvogels maar steeds meer grote zilverreigers uit Oost-Europa brengen de winterperiode door in Nederland. En dat is niet voor niets in ons waterrijke land met veel voedsel voor reigers. Grote zilverreigers slapen s'-nachts bij elkaar. Ze slapen in bomen en komen pas in de schemering aan op de slaapplaats. Er zijn in Nederland tal van zulke slaapplaatsen. Op een van de Reeuwijkse Plassen is zo'n slaapplaats in een moerasbosje. Afgelopen weken is de slaapplaats een paar keer geteld om op die manier een landelijk beeld te krijgen over de aantallen grote zilverreigers. Het hoogste aantal wat in Reeuwijk in september 2016 op een avond  is geteld was 85 stuks, een mooi aantal. 


 
Grote zilverreigers slapen in bomen op rustige plaatsen waar weinig kans is op verstoring.

 

Visarend verblijft een paar dagen bij het 
Reeuwijkse Plassengebied.

Dit voorjaar heeft een paartje visarenden weer voor het eerst na eeuwen succesvol in Nederland gebroed in het Nationale park de Biesbosch. Te verwachten is dat ze het broedsucces van de zeearend op gaan volgen waarvan er inmiddels al weer diverse paren in Nederland broeden. 
Elk najaar vanaf half augustus tot aan eind september worden in Nederland op diverse plaatsen visarenden waargenomen. Op trek naar het zuiden. Soms blijven exemplaren een tijdje ter plekke om vis te vangen om zodoende op te vetten, zodat ze voldoende vetreserves hebben om de lange tocht naar Afrika te kunnen maken. Een visarend deed een paar dagen de Reeuwijkse polder Oukoop aan om er te vissen in poldersloten en de veenput van Jan Kruijt . Zonder probleem werd de ene na de andere vis gevangen. De gevangen vissen betroffen soorten als, witvis, bliek danwel brasem en baars.
De visarend had de voorkeur om de gevangen vissen op te vreten in een bepaalde boom in Oukoop, maar ook werd gezien dat de vis in een hoogspanningsmast in de polder Stein werd opgepeuzeld. Een fatsoenlijke foto maken van de visarend bleek moeilijk. De roofvogel vloog al weg als we nog op grote afstand stonden. Daarom hebben we de tactiek toegepast van het gebruik van een schuilhutje met goede camouflagekleuren bij de dode boom waar de visarend een voorkeur voor toonde.


 
Gezicht vanuit een schuilhutje op de dode boom waar de visarend af en toe op zat om te loeren
naar vis in de sloot onder zich. De foto's van de visarend konden worden gemaakt na enkele uren
wachten in het hutje dat is voorzien van uitstekende camouflagekleuren. De visarend toonde
geen enkele interesse voor het hutje en van verstoring was dan ook geen sprake.


Visarend in de top van de dode boom. Het gaat om een 1e jaars exemplaar.



De witte schubben aan het verendek verraden dat het gaat om een 1e jaars exemplaar.

 

Ontwikkelingen op de vogelrijke Hooge Boezem bij Haastrecht

In de loop van september nam het aantal vogels fors toe, waaronder ook al verschillende eendachtigen zoals slobeend, krakeend, smient en wintertaling. Veel eenden hebben momenteel nog het eclipskleed, dat is hun ruikleed voordat ze weer overgaan naar het echte verenpatroon wat volwassen vogels hebben. Met name de slobeenden zijn in eclipskleed tamelijk onherkenbaar, een goed kenmerk wat dan overblijft zijn hun forse snavels. Op de Hooge Boezem verblijven momenteel een paar honderd slobeenden en krakeenden, maar ook smienten laten zich met steeds grotere aantallen zien. De wintertaling verblijft er ook met tientallen. Het groepje lepelaars (max. 15 stuks) wat een tijdje op de Hooge Boezem verbleef is nu toch vertrokken op een solitair exemplaar na op 28 september 2016. Ook de steltlopers worden minder hoewel ik vandaag 28 september toch nog een groepje van ca. 35 vliegende watersnippen zag. De bonte strandlopers waarvan er enkele dagen zo'n 15 stuks aanwezig waren laten zich ook niet meer zien.


Drie slobeenden in eclipskleed, waarvan twee woerden (links en rechts) en een vrouw in het midden.
Foto: 28 september 2016.


Ter vergelijking, een slobeend woerd in prachtkleed. Op het ijs zittend.  



Drie stuks bonte strandlopers (er zaten er 15) en een krakeend op een pas drooggevallen eilandje 
op de Hooge Boezem. Foto: 17 september 2016


 
Foto van 9 september 2016 toen nog steeds 4 grutto's op de Hooge Boezem verbleven.
 Normaal gesproken hadden ze op die datum al in hun winterkwartier moeten zijn. Rond 15 september 
waren ze wel vertrokken.


Een zeer alerte watersnip half verscholen onder een pol pitrus om maar niet al te veel op te vallen.
Foto: 8 september 2016.


Een groepje voedselzoekende watersnippen. Wat opviel was dat er geen ruzie werd gemaakt 
om het beste plekje. Foto: 25 september 2016.


Een 5-tal lepelaars streek op 2 oktober 2016 neer op de Hooge Boezem om er een tijdje
al slapend/rustend door te brengen op de lange reis naar het zuiden. Op de foto ook nog
kokmeeuw, stormmeeuw, smient en een slobeend.


Beheer visdieveneilandjes

Bij de aanleg van het natuurgebied de Hooge Boezem zijn in de nieuw gegraven open waterpartij een 7-tal kleine  eilandjes gespaard. Gedaan vanuit de verwachting dat daar wel eens visdiefjes (en kluten en kleine plevieren) op zouden gaan broeden. De visdiefjes lukten, er broeden inmiddels al een paar jaar 20-30 paar op een paar eilandjes. Maar visdieven broeden wel graag op een kale bodem en de eilandjes raken in de de loop van het voorjaar begroeid met hoog opgaande vegetatie. Om de broedplaats geschikt te houden voor de sterns moet de vegetatie in het najaar gemaaid worden. Vanuit mijn beheerservaring zou nog beter zijn om die eilandjes waar de visdieven graag broeden kaal te maken, worteldoek aan te brengen en dat bedekken met een laag schelpen. Het geeft de zekerheid dat de visdieven er blijvend zullen broeden en een ander voordeel is dat er nog amper beheer moet worden gevoerd. 

De beheerder van het gebied, Het Zuid-Hollands Landschap,  is van plan om in overleg met een vrijwilligersgroep op korte termijn de eilandjes aan te gaan pakken om de broedcondities te verbeteren. Mij is ook gevraagd om mee te denken en verder de zaak fotografisch te volgen. Daar voldoe ik graag aan.


De eilandjes nog mooi kaal nog maar dat is net na de aanleg van het gebied. Foto: 20 april 2014.


Een paar eilandjes begroeid met hoog opgaande vegetatie op 28 september 2016.
Alle zeven eilandjes zien er zo min of meer zo uit, en verschillende ervan zullen om de 
broedcondities voor visdief te optimaliseren kaal gemaakt moeten worden.


Visdief met kuiken op een van de eilandjes. De vegetatie begint al flink te groeien.
Gefotografeerd door een telescoop. Daardoor een vergroting van 1200 mm.


Een overvliegende familie knobbelzwaan met vijf vliegende kuikens bij de Hooge Boezem. De twee vlak 
boven en onder elkaar vliegende vogels zijn de oudervogels. Misschien zijn het wel knobbelzwanen van de 
voormalige zwanendrifters. Foto: 28 september 2016.

homepage

nieuwste vertellingen fotoboek landschappen zoeken foto's zoeken op trefwoorden auteur
natuur & landschap Reeuwijkse Plassen weidevogels cultuurhistorie jeugdverhalen