21 september 2012            Fotonieuws uit het Groene Hart rond Reeuwijk (15)

Tijdelijke droogval: de plasdras in polder Stein Twaalfmorgen weer plasdras
   
Links de plasdras op 25 augustus 2012 droog staand. Rechts de plasdras weer onder water op 2 september 2012.
Op de achtergrond de tractor die nog water staat in te pompen. Eendachtigen zijn al weer met behoorlijke aantallen aanwezig.
120 smienten, 30 slobeenden en 70 wilde eenden.

De plasdras in de polder Stein in Reeuwijk heeft deze zomer minder goed gefunctioneerd. Met name grutto's hebben na de broedtijd veel minder gebruik gemaakt van de plasdras om te overnachten dan de jaren voorgaand. Wat meespeelde was dat adulte grutto's in andere plasdras gebieden in de omgeving gingen overnachten. Ook hadden wij de indruk dat volwassen grutto's zonder broedsucces al vrij snel zijn weggetrokken naar andere gebieden binnen en wellicht ook al buiten Nederland. Wel werd de plasdras in juli-augustus regelmatig door kleine aantallen 1e jaars grutto's bezocht. Door het volledig droogvallen van de plasdras begin augustus kwam daar echter een abrupt einde aan.
Inmiddels staat het meest oostelijke perceel weer onder water en wordt weer als slaapplaats en voedselgebied gebruikt door veel vogels. Een overvliegende bruine kiekendief op 18 september 2012 was er de oorzaak van dat maar liefst 80 watersnippen van de plasdras opvlogen. 

 

Witte en roze pispotten

Haagwinde in het wit


Haagwinde in het roze  

De klimplant haagwinde, door velen ervaren als een lastig onkruid, heeft mooie witte bloemen. Die bloemen staan in de streek bekend als pispotten. Normaal gesproken heeft haagwinde witte bloemen, maar er bestaat ook een afwijkende kleurvariant, die heel zeldzaam is, met rozeachtige bloemen. Deze kwam ik tegen langs het fietspad aan de noordkant van de surfplas.

 

Nieuw vogelkijkscherm in het Reeuwijkse Plassengebied

Bosmankade met links het gebouwtje van het gemaal wat de voormalige polder Broekvelden-Vettenbroek bemaalde. 
Rechts daarvan de voormalige woning van de familie Buitenhuis. Foto: Richard Brusik omstreeks 1965. De weg was toen nog 
halfverhard en ziet er behoorlijk blubberig uit.


Het begin van een nieuw vogelobservatiepunt aan de zuidkant van de surfplas in Reeuwijk.

De vogelrijke surfplas (Plas Broekvelden) in Reeuwijk krijgt er een nieuwe vogelkijkpunt bij. De observatieplek wordt momenteel gebouwd langs de Bosmankade op de plek waar vroeger het gemaal stond dat de voormalige polder Broekvelden en Vettenbroek tot april 1970 bemaalde. Een oude zwart-wit foto, omstreeks 1965 gemaakt door Reeuwijker Richard Broesik, herinnert ons daar nog aan.


21 september 2012. Het vogelkijkscherm is geplaatst. Het is van staal dus hufterbestendig.
De aanleg wordt zo gemaakt dat het ook te bereiken is voor rolstoelen.

Het vogelkijkscherm met kijkopeningen.

De gemaakte kijkopeningen krijgen geen luiksysteem wat open en dicht gemaakt kan worden. Ook zal er geen dubbel riet-of wilgenscherm worden aangelegd zodat bezoekers ongezien bij het kijkscherm kunnen komen zonder de aanwezige vogels te verontrusten. Dat zijn gemiste kansen. Er bestaat nu een serieus risico, dat het doel waarvoor het vogelkijkscherm is aangelegd onvoldoende zal zijn of zelfs helemaal niet zal gaan werken. De laagste openingen zijn goed op hoogte aangebracht voor mensen met een rolstoel/scootmobiel. Daar is het scherm ook allereerst voor bedoeld. De surfplas wordt door veel vogelaars bezocht hetzij om vogels met de verrekijker te observeren, dan wel om vogels te fotograferen.
Nogal wat van hen beoordelen de manier van aanleg als vrij negatief i.v.m. de genoemde tekortkomingen.

De aanleg van het vogelkijkscherm heeft een forse duit gekost. Het zou zonde zijn van al het geld als blijkt dat er niet uit gaat komen waarvoor de aanleg is bedoeld n.l. het ongezien observeren (van dichtbij) van de aanwezige watervogels.


Het vogelkijkscherm vanaf grote afstand gefotografeerd. 

 

Zitplaatsen vogels weggedrukt; knoeiwerk van de gemeente Reeuwijk-Bodegraven

Het onder water drukken van palen met behulp van een kraantje

De afgelopen week zijn werkzaamheden uitgevoerd op plas Broekvelden. Die bestonden uit het onder water wegdrukken van het grootste deel van de palen die na het verdwijnen van het grootste deel van de kunstmatig aangelegde eilanden waren overgebleven. Inmiddels is het werk uitgevoerd en is er nog maar een zeer beperkt aantal palen (nog) niet onder water verdwenen.


21 september 2012.  Ook hier zijn alle palen onder water gedrukt.

Foto uit december 2009 toen de palen er nog wel stonden.

 
Aalscholvers en een grote mantelmeeuw rusten uit op een palenrij.

Foto gemaakt langs de Lecksdijk nabij het vogelkijkscherm wat daar is geplaatst. De palenrijen die hier stonden waren 
een belangrijke rustplaats voor zwarte sterns (en dwergmeeuwen) die in het voorjaar tijdelijk de Reeuwijkse Plassen
aandoen om er op te vetten vanwege de miljoenen muggen die Reeuwijk dan bevolken.

Over het waarom de meeste palen onder water zijn gedrukt kan ik geen uitspraak doen. Ik heb er geen idee van. Een Reeuwijkse aannemer die ik sprak had het er over dat de Gemeente Reeuwijk-Bodegraven het geen gezicht vond en op deze manier het aanzicht van de plas wilde verbeteren. Als dat zo is zou dat een opmerkelijke actie zijn waarbij men geen rekening houdt met de duizenden vogels die juist graag gebruik maakten van de palen om er op te rusten. Het gaat dan echt niet om een enkele vogel. Daarbij denk ik aan de honderden scholekster die in het vroege voorjaar voor de broedtijd op de palen rustten, en ook de vele honderden zwarte stern die op de trek in het voorjaar na het vangen van muggen op de palen uitrustten. Maar ook de aalscholvers die hun vleugels droogden na het vissen in het plasgebied. De palen werden door kokmeeuwen ook gebruikt bij het baltsen in het voorjaar op de aangrenzende restanten van eilandjes. Ook krakeenden zaten soms met honderden tegelijk op de palen.

 

1600 grauwe ganzen slapend op plas Broekvelden

Grauwe ganzen langs de Kooidijk. Toen nog tussen de paaltjes. 

 

Grote aantallen grauwe ganzen die gras vreten in de polders rond de Reeuwijkse Plassen gebruiken de plas Broekvelden als slaapplaats. Sommige bewoners (er wonen er in de omgeving niet zoveel) genieten van al dat gesnater in de nachtelijke uren, terwijl  anderen het als vervelend ervaren. Een telling op een vroeg tijdstip op 15 september 2012 leverde ruim 1600 grauwe ganzen op, die zich met name ophielden langs de Kooidijk.

 

Groene Jonker belangrijk als opvetgebied voor o.a. zwarte ruiters

Overzicht van de Groene Jonker, een imposant moerasgebied nabij Nieuwkoop-Zevenhoven.
Belangrijk als broed- en voedselgebied voor vogels.


 
Zwarte ruiter. Op de foto rechts slapend maar toch zo af en toe kijkend om de boel in de gaten te houden. De vogel
was niet erg schuw en w.s erg vermoeid van de lange trekreis. Ik kon hem zelfs tot op een meter of vijf benaderen, maar 
toen (foto links) begon mijn aanwezigheid hem toch te verontrusten. De vele veertjes zijn van de grote aantallen ruiende
vogels die in de Groene Jonker verblijven.


Zwarte ruiter voedsel zoekend na een dutje gedaan te hebben.


Een andere zwarte ruiter als bovenstaande foto's. Zwarte ruiters zijn in het zomerkleed bijna pikzwart. Het winterkleed 
daarentegen is bijna wit. Dit voedsel zoekende exemplaar draagt een overgangskleed van zomer- naar winterkleed.
Foto's: 16 september 2012.



Groene Jonker met kale oeverstroken waar veel steltlopers en plevieren voedsel zoeken.

 

Soms wordt je op het verkeerde been gezet. Tussen de moerasvegetatie bewoog zich een vogel.
De kleuren van het verenkleed oogden als die van een porseleinhoen, een ralachtige waarvan op dit moment diverse 
exemplaren in de Groene Jonker aanwezig zijn. Maar het bleek om een jonge fazantenhaan te gaan.

Het natuurgebied De Groene Jonker bij Nieuwkoop-Zevenhoven is een uiterst belangrijk broedgebied voor vogels. Momenteel verblijven er flinke aantallen steltlopers en plevieren (naast de vele andere soorten vogels). Tal van vogelsoorten doen het gebied aan op de grote trek van noordelijk Europa naar Zuid-Europa en Afrika. Steltlopers en plevierachtigen gebruiken het gebied als tussenstation  om er even bij te komen en op te vetten voordat ze weer verder vliegen op trektocht. Voordat trekvogels naar hun winterkwartier of broedgebied vliegen eten zo veel dat hun gewicht verdubbelt. Dat noemen we opvetten. Het opvetten wordt door hormonen aangestuurd. Door de toename van vet beschikken ze over een enorme energiereserve die ze aanwenden op hun lange vliegtocht. 

 

Maaikorfbeheer gunstig voor het behoud van o.a. de zwanenbloem (Butomus umbellatus).
 

Een rijke groeiplaats met zwanenbloemen in de polder Stein, reservaat van Staatsbosbeheer. Al een aantal jaren wordt 
het najaarsonderhoud van oevers uitgevoerd met de maaikorf. Gunstig voor o.a. zwanenbloemen.

U kent de plant ongetwijfeld. Tot bijna een meter hoog opgroeiend met prachtige donkerrood tot paarsachtig aandoende bloemen. De zwanenbloem staat in de streek ook wel bekend als koffiebloem. Ze zijn zelfs wettelijk beschermd. Zwanenbloemen groeien op de grens van water naar land. Dat zijn de natte oeverranden langs graslanden. Meestal zie je er hier en daar wat verspreid staan. Ondanks de beschermende status wordt deze moerasplant niet bedreigd in het voorkomen. Sterker nog, de zwanenbloem (evenals verschillende andere soorten moerasplanten) profiteren ervan als het oeverbeheer met een maaikorf wordt uitgevoerd.  De verplichte najaarsschouw van sloten wordt steeds meer met een messenbalk uitgevoerd waarbij de vegetatie tot net boven of net onder de baggerlaag wordt afgeknipt. Daardoor wordt een (flink) deel van de wortels van planten gespaard. Met name de wat forsere moerasplanten die diep wortelen zoals gele lis, scherpe-tweerijige- pluim-en oeverzegge, waterscheerling, melkeppe, moeraswederik profiteren van het gebruik van een maaikorf.

 

Een paar libellensoorten uit het Groene Hart fotografisch vastgelegd

Een libellensoort die je als je de naam letterlijk neemt eigenlijk niet in het Groene Hart zou verwachten. Het gaat hier om het mannetje van de bloedrode heidelibel (Sympetrum sanguineum). De soort is absoluut niet zeldzaam en vooral te vinden op luwe zonnige plekjes. Foto: 30 augustus 2012.

Een pas uitgekropen jong mannetje van de gewone oeverlibel (Orthetrum cancellatum). Een algemene
libellensoort die graag op (door de zon verwarmde) onverharde wegen en fietspaden zit en snel wegvliegt 
bij het naderen. Foto 29 juli 2012.


Nog een foto van een heidelibel. Om welke soort het hier precies gaat werd mij niet duidelijk. Er bestaan diverse soorten 
heidelibellen en de verschillen zijn soms nauwelijks zichtbaar. Althans voor mij. De heidelibel op bovenstaande foto kon 
ik in ieder geval niet op (soort)naam brengen. Als er iemand is die het wel weet; ik hoor het graag. Foto: 4 augustus 2012.

 

Clun Forest schaap

Leuke schapen zijn met die zwarte koppen en die zwarte pootjes. Clun forest schapen.

Moeilijk om wat expressie te brengen in zo'n zwart koppie. Dat heeft te maken met de moeilijkheidgraad bij 
het belichten van de foto. Wel zijn de ogen nog een beetje zichtbaar.

Ik heb een jaar geleden een pagina gemaakt die gaat over een aantal in Nederland voorkomende schapenrassen. Een week gelden maakte ik in de Utrechtse Lopikerwaard oostelijk van Schoonhoven een fietstochtje en zag in een graslandperceel een aantal schapen die mij onbekend overkwamen. Foto's gemaakt en thuis op zoek gegaan om welke soort het precies gaat. Het bleek om het Clun Forest schaap te gaan. Net als diverse andere rassen in Groot-Brittannië is deze schapensoort voortgekomen uit kruisingen van andere schapenrassen.

Het Clun Forest schaap is een vlees/wol ras. Het is een vruchtbaar ras; het aantal levend geboren lammeren ligt rond 1,7. Circa 70% van de ooien werpt op éénjarige leeftijd. De ooien lammeren gemakkelijk, zelden is hulp nodig bij de geboorte. De ooien zijn melkrijk en hebben zeer goede moeder eigenschappen. In 1925 werd het Clun Forest stamboek in Groot Brittannië opgericht.

 

Honderden kleine vossen op een veld met grote kattenstaart (Lythrum salicaria)
   
Kleine vossen op grote kattenstaart.
  
Links een natte strook grasland met honderden bloeiende grote kattenstaart. Op die kattenstaarten zochten ook een paar
distelvlinders naar nectar.

De grote kattenstaart is een belangrijke nectarplant voor vlinders. Langs een nieuw aangelegd fietspad in de Krimpenerwaard nabij Bergambacht (tussen Kadijk West en Zuidbroek) stonden op 5 augustus 2012 honderden grote kattenstaarten in de bloei. Een grove telling leverde ruim vijfhonderd kleine vossen op en een kleine 100-tal atalanta's. Ook nog een paar distelvlinders, een gehakkelde aurelia en twee bonte zandoogjes.

homepage

nieuwste vertellingen fotoboek landschappen zoeken foto's zoeken op trefwoorden auteur
natuur & landschap Reeuwijkse Plassen weidevogels cultuurhistorie jeugdverhalen